Koken als oma

Koken als oma

Koken zoals je oma deed?

Je hoort vaak dat we zouden moeten koken en eten als onze grootouders. Maar is dat ook zo? Tijdens het opruimen van de zolder kwam ik het boekje “150 Culinaire Meesterstukjes” uit 1937 tegen. In het voorwoord staat: “We hopen dat dit boekje bij de Hollandsche huisvrouwen goed ontvangen wordt en in de degelijke Hollandsche keuken meer afwisseling zal geven”. Ik neem de proef op de som hoe we tegenwoordig tegen dit eetpatroon aankijken!

Naar de melkboer

In het boekje word je nog gewoon verwezen naar de melkboer voor eieren, (zure) room en boter. Het zijn verzadigde maar wel pure producten. Ter afwisseling hebben we nu meer onverzadigde en plantaardige vetten zoals olijfolie. Maar de kans is ook groter dat je tegenwoordige de verkeerde keuzes maakt. Kijk in de supermarkt maar eens in het zuivelvak naar alle producten met stabilisatoren, emulgatoren, kunstmatige geur- en kleurstoffen, zoetstoffen.

Saai qua kruiden en specerijen

Wat kom ik tegen in de 150 meesterstukjes? Peterselie, peper, zout, nootmuskaat, paprikapoeder, kaneel, kruidnagel, karmijn en laurierbladeren. Dat is best saai als je het vergelijkt met de mogelijkheden die we nu hebben in (verse) kruiden en specerijen. Ook andere smaakmakers zijn schaars. Wat tomatenpuree, kappertjes, ansjovispasta en mosterd. Er wordt regelmatig gebruik gemaakt van een scheutje “roode wijn”, witte wijn, rum en zelfs in één gerecht champagne.

Snip? Op een briefje van 100 gulden, toch!

Erg verrassend is de hoeveelheid wild en gevogelte die wij tegenwoordig niet of nauwelijks eten. Patrijzen, poularde, reebout en -rug, haas, fazant, eendvogel (ja, zo noemen ze het) en zelfs snip. In de bereiding lees je dat het normaal is om zelf schoon te maken, wassen en ontbenen. Wat dacht je van deze tip: “Laat de van buiten schoongemaakte snippen 3 à 4 dagen op een koude plaats staan.” Qua “vleeschgerechten” is er nog eentje die ik me herinner van mijn oma in de keuken: rundertong. Gekookt of gebakken. Ik heb het nooit geprobeerd, want het rook niet lekker en zag er vooral eng uit.

Hollandsche groenten en fruit

Er staan ook een paar advertenties in het receptenboek. “Voor versche Hollandsche Groenten in den Winter en in het Vroege Voorjaar”. Wij zijn gewend aan exotische groenten en fruit dat het hele jaar door beschikbaar is. In de jaren ’30 is de keuze beperkt tot groenten zoals bloemkool, spruitjes, asperges, selderijknol, aardappelen, tomaten, sla, prei, radijs, worteltjes, rode kool, zuurkool en champignons. Ik kom niet eens uien of knoflook tegen. En qua fruit zijn het vooral appels, peren en kersen.

Onbekend en niet verwacht

Bij de voorgerechten kom ik “aspic” tegen. Daar had ik nog nooit van gehoord. Het is een recept wat je nog wel online kan vinden. Groenten of vlees worden verwerkt in een heldere gelei die met bouillon is bereid. Wat ik niet had verwacht is dat een aantal keren als bijgerecht spaghetti, rijst en macaroni wordt aanbevolen. Ik heb dat nooit bij mijn oma in de keuken gezien. En ook bij mijn moeder pas in de jaren ’80.

Veel suiker in de nagerechten

In alle 32 koude en warme nagerechten wordt een overdaad aan suiker gebruikt. Ook bloem komt in veel toetjes terug. Regelmatig is er een bereidingswijze met frituurvet.  Eigenlijk komt maar één recept door de gezonde keuring: “gevulde appelen” met een puree van kastanjes.

Conclusie

Grootmoeder’s eten is puurder en onbewerkter dan de keuzes die we tegenwoordig in overvloed hebben. Er was geen andere optie dan koken met het seizoen en lokale producten. Toch denk ik dat wij minstens zo gezond kunnen eten, juist door alle variatie die tot onze beschikking staat. In het maken van de goede keuzes ligt de grootste uitdaging anno 2021 vergeleken met 1937.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *